Het melden van kindermishandeling is niet langer vrijblijvend voor artsen

HET MELDEN VAN KINDERMISHANDELING IS NIET LANGER VRIJBLIJVEND VOOR ARTSEN

Het melden van kindermishandeling is niet langer vrijblijvend voor huisartsen, medisch specialisten en bedrijfsartsen. De beroepsgroep heeft zichzelf verplicht kindermishandeling aan te geven. In de herziene Meldcode Kindermishandeling van de KNMG staat beschreven hoe de 43.000 artsen dit moeten gaan doen.
Minister Rouvoet van Jeugd en Gezin nam gisteren in Den Haag de meldcode van de artsenfederatie in ontvangst. ,,Ik ben hier erg blij mee. Juist artsen worden geconfronteerd met de gevolgen van geweld tegen kinderen. Artsen zijn moreel verplicht. Nu is er geen excuus meer van geheimhoudingsplicht, of zwijgen omwille van privacy”, aldus de bewindsman.
Het aantal meldingen van kindermishandeling door artsen zal met dertig procent gaan stijgen, is de verwachting. ,,We gaan de goede kant op, maar we er nog lang niet”, waarschuwde Rouvoet. Zo’n 107.000 kinderen in Nederland worden geslagen, geintimideerd en verwaarloosd. ,,Dat is een groot maatschappelijk kwaad wat we met wortel en tak moeten uitroeien.”
Tot dusver gaven artsen kindermishandeling nauwelijks aan bij de AMK’s (Advies-en Meldpunt Kindermishandeling). ,,Het was eerst zwijgen, tenzij”, legt Peter Holland, arts en KNMG-voorzitter, legt uit. ,,Nu is het spreken over mishandeling, tenzij. Als een arts nu nalaat melding te maken en hij wordt aangeklaagd, heeft de tuchtrechter met deze code de mogelijkheid een arts te straffen.”
Dat de medici terughoudend waren in het melden, heeft verschillende oorzaken. Velen zien op tegen de toestanden die het met zich meebrengt. Holland: ,,Of ze zijn bang ouders te stigmatiseren, of ze wisten het gewoon niet.”
Met collega Hirsch Ballin(Justitie) liet Rouvoet eerder deze week weten dat hij alle beroepsgroepen, die te maken kunnen krijgen met kindermishandeling en huiselijk geweld, verplicht gaat stellen om met een meldcode te gaan werken .,,Totdat het zover is ,wil ik deze beroepsgroepen oproepen zelf met een code te komen.”